Opnieuw uit-gevonden muziek

Vanessa Lann_CDIn de Gemäldegalerie in Berlijn hangt een onbekend schilderij van Rembrandt dat veel mensen echter toch zullen kennen. Op de voorgrond zit een oude man met in zijn ene hand een munt en in zijn andere een kaars. Het licht valt niet alleen op zijn gezicht, maar ook op een stapel boeken en papier op de achtergrond. We herkennen de man met knijpbrilletje uit schilderijen van Caravaggio, Honthorst en Ter Brugghen. Terwijl we de stapels boeken op schilderijen die Rembrandt in dezelfde tijd als De woekeraar (1627) maakte opnieuw tegenkomen – zo citeerde Rembrandt anderen én zichzelf.

Wat we hier zien, is wat we beluisteren in de muziek van componiste/pianiste Vanessa Lann, van wie recent een cd is uitgekomen (zie afb.). Het is muziek met een duidelijke voorgrond, met citaten uit eigen en andermans werk. En met op het eerste gehoor een minder prominente achtergrond, vol statische akkoorden of eenvoudige motieven. Waarbij niet in de laatste plaats een grote ruimte voor theatrale aspecten is weggelegd.

Voorgrond
Op de voorgrond hoor je in haar orkestwerken solotrekjes die als in de gloed van een kaars oplichten. Het duet tussen fluit en althobo in het middendeel van Resurrecting Persephone (1999) voor fluit en orkest, dat op de onlangs uitgebrachte cd staat, doet bijvoorbeeld denken aan het langzame deel uit Ravels Pianoconcert in G.
Ook de soli in The Flames of Quietude (2006), een concert voor orkest zullen de luisteraars die al eerder werk van Vanessa Lann hebben gehoord, bekend voor komen: het zijn haar eigen solostukken voor viool, cello en piano die ze heeft ‘hergebruikt’, opnieuw heeft uit-gevonden en in een andere context geplaatst. Net als fragmenten uit bekende werken van onder anderen Bach en Beethoven.

Achtergrond
Op de achtergrond van The Flames of Quietude klinken zachte pianissimo akkoorden, zoals in Illuminating Aleph (2005) voor chazan (voorzanger), koor en instrumentaal ensemble een herhaald, eenvoudig patroon in de pianopartij klinkt. Telkens weer, als een mantra, tot je denkt het wel gehoord te hebben. Maar dan valt opeens licht erop; het motiefje is hetzelfde gebleven, maar de luisteraar is Ver-licht. De achtergrond is als de zang van de kosmos en de voorgrond een ‘aards’ gegeven, herkenbaar maar toch telkens anders.
Zo blijkt op het eind van een stuk wat op de achtergrond speelde belangrijker te zijn dan wat zich op de voorgrond drong. Maar om dát te ervaren, moet je eerst door het hele stuk heen zijn gegaan, als een gang door de tijd, als een tot het eind toe beleefde droom.
In die zin doet haar werkwijze denken aan het schilderij De schreeuw van Edvard Munch: het is immers niet de man op de voorgrond die schreeuwt (hij is verstomd) maar de natuur op de achtergrond die het uitschreeuwt. Net als Munch speelt Vanessa Lann een in haar geval haast ritueel en vaak humoristisch spel met het verwachtingspatroon van de luisteraar.

Theatrale aspecten
Omdat haar werk erg is gericht op beleving in de concertzaal, spelen ook visuele en theatrale aspecten daarbij een groter rol. Het licht dat in Towards the Center of Indigo (1996) voor saxofoonkwartet wordt gebruikt, ís indigo. In In the Moment (1998) voor vier renaissance blokfluiten lopen de musici van de voor- naar de achtergrond van het podium. En in The Flames of Quietude tenslotte staat een orkestgroep als in een big band opeens op.
Maar ook dát blijkt aan het eind niet het belangrijkste te zijn. Het belangrijkste zijn de vragen die de componiste oproept, als de schrijvers van de boeken op de achtergrond van Rembrandts schilderij. Het antwoord laat ze aan de luisteraar over. Ieder voor zich.

http://www.attaccaproductions.com

De klop op de deur

Alan ArkinEen leeg toneel. Twee mannen wachten op materialen om een niet nader omschreven klus op te knappen. De één, De Recha, vraagt de ander, Lefty, zich te identificeren. Dat kan hij niet. Hij heeft geen papieren. Het wachten gaat verder. De baas stelt voor de tijd goed te besteden door vast droog te oefenen met uitpakken. Lefty is daar niet zo voor, want hij moet structuur hebben in zijn werk. Maar ze beginnen toch: Lefty pakt uit, De Recha streept op een paklijst aan en wordt ongedurig als iets niet klopt. Hij is immers een man van de regels. Er komt van alles uit de kratten: fleece dekens, revolvers … En dingen die Lefty niet eens kan benoemen. Uiteindelijk belanden beide mannen in hun fantasie op een ijskap en worden doodsvijanden. Tot er op de deur wordt geklopt …

Dit is in het kort de inhoud van het toneelstuk Virtual Reality van Alan Arkin (zie foto), dat InPlayers afgelopen week in Amsterdam voor volle, kleine zalen speelden en later in mei nog in Hamburg zullen opvoeren.1)  Twee acteurs die aan elkaar zijn gewaagd, een oudere en een jongere: Brian Andre (De Recha) en Eli Thorne (Lefty). Die razendsnel van sfeer en mimiek kunnen veranderen. Het gaf het Pinter-achtige, absurdistische stuk een grote snelheid en zorgde dat je als toeschouwer ademloos ‘bij de les’ bleef.

Een toneelstuk van nog geen uur waarom ook veel te lachen valt, maar dat in één adem door actuele, diepere lagen aanboort. Het is uiteindelijk de verbeelding die een grote rol speelt. Hardhandig onderbroken door een klop op de deur. De werkelijkheid klopt aan.

CitizenfourDat doet hij ook in de film Citizenfour die 28 mei a.s. in première gaat, maar die ik dank zij Rialto Filmclub al heb kunnen zien. Een film die verder gaat op punten die Virtual Reality aanstipt. Een verre van geestige, maar op z’n minst even absurdistische documentaire over wereldwijde afluisterpraktijken die Edward Snowden (zie afb.) wereldkundig maakte. Prachtig, detaillistisch gefilmde zenuwtrekken van een onderzoeksjournalist die de beklemmende sfeer voelbaar maken. Al even ritmisch in beeld gebracht als Arkin zijn stuk opbouwde. In de film door haast een mantra die Snowden alsmaar herhaalt: zijn angst dat de deur elk moment kan worden ingetrapt.

De volle omvang van de Virtual Reality en van de onthullingen van Snowden zijn nog niet duidelijk. Of zoals Snowden zelf zegt: ‘Ik wil niet in een wereld leven waarin alles wat ik zeg, alles wat ik doe (…) wordt opgetekend.’ Even leek het erop of De Recha zijn potlood zou breken. Maar hij deed het niet …

Virtual Reality – gezien op 15 mei in het Badhuistheater, Amsterdam
Citizenfour – gezien op 8 mei in Rialto, Amsterdam


1) Hier sleepte deze productie tijdens het FEATS Festival (Festival of European Anglophone Theatrical Societies) van twaalf voorstellingen eerste prijzen in de wacht voor de beste mannelijke acteur; licht en geluid; en ook nog eens als geheel.