Of – Yve du Bois in de Thomaskerk

kwadraat2Hieronder de inleiding die ik op 15 juni 2016 hield bij de opening van de tentoonstelling met werk van Yve du Bois in de Thomaskerk te Amsterdam. Hiernaast een overzichtsfoto, waarnaar wordt verwezen, gemaakt door Patricia Werner Leanse (klik erop om deze te vergroten).

Bij de kunstwerken die Rudi Fuchs selecteerde voor ‘zijn’ tentoonstelling ‘Opwinding’ in het Stedelijk Museum, hangen geen titels. Alleen de naam van de kunstenaar en het jaartal van ontstaan van een werk. Bij deze expositie in de Thomaskerk ligt louter een lijst met titels. Dát is waar het haar om gaat: abstracte schilderijen – tot nu toe schilderde ze figuratief – met een diepere betekenislaag die je zelf mag ontlenen aan onder meer die titels. ‘Schilderijen die aanzetten tot rustige bespiegeling en ook kunnen dienen als gespreksonderwerp.’ Dat mailde ze mij toen ik vroeg of ze een serie nieuwe schilderijen wilde maken die hier door ThomasOpen als ThomasKunst worden geëxposeerd. En ook: ‘Het vertalen van de visuele informatie zal ook voor de toeschouwer een creatief proces kunnen zijn’.
Enkele titels en de omschrijvingen ‘gespreksonderwerp’ en ‘creatief proces’ zijn de thema’s van deze inleidende woorden.

Titels
Of het nu toeval is of niet, maar ik werd meteen getroffen door drie doeken met een ‘of’ in de titel:

  1. Harmonie of strijd (links boven op de lange wand)
  2. Vlucht of avontuur (op één na rechts onder op dezelfde wand)
  3. Logica of dwaalspoor (links onder op de lange wand).

Volgens het internetwoordenboek Woorden.org betekent ‘of’ primair de keuze tussen twee mogelijkheden. Je zou de twee verschillende woorden uit de titels echter ook in filosofische zin als these en antithese kunnen zien; als het naast elkaar plaatsen van tegenstellingen. Alleen vraagt dit – harmonie of strijd, vlucht of avontuur en logica of dwaalspoor -, om een synthese, een opheffing van these en antithese op een hoger plan.

Gespreksonderwerp
Die synthese staat voor mij voor het doorgaande gesprek. In de eerste plaats met andere kunst.
Harmonie of strijd doet mij tot op zekere hoogte denken aan bloemen op een schilderij van Laurens Alma Tadema. Vlucht of avontuur ademt de sfeer van het schilderij Sterrennacht, het waddenlicht zoals Anke Roder het vastlegde en dat in Museum Belvédère te Heerenveen valt te zien. Op Logica of dwaalspoor meen ik naast rationele cijfers links boven een aan rotstekeningen of volkskunst verwant figuurtje te ontwaren, zoals ‘de ronde vormen refereren aan de zon, de maan, het heelal, het blauw [verwijst] naar de zee en het zwart naar de nacht, maar alles is geworteld in abstractie’, zoals de kunstenares mij destijds mailde. Niet toevallig noem ik Laurens Alma Tadema en de Wadden, want ook Yve du Bois heeft dat Friese licht te binnen gedronken. Net als Laurens Alma Tadema, – en overigens ook Eise Eisinga van het Planetarium -, is zij in Dronrijp geboren. In die zin zijn het ook zelfportretten.

Creatief proces
Maar het gesprek gaat verder: met de kerk, waarvoor de doeken zijn gemaakt. Met het golvende dak dat erin terugkomt, met de verschillende lijnen die u zult herkennen.
En ook met ons, als kijkers naar déze kunst in déze kerk. Als interne dialoog en in gesprek met elkaar. De vragen zijn dan: ‘Wat zegt het schilderij je?’ en: ‘Wat doet het met je?’. In rationele of in gevoelsmatige zin. Of liever: op beide niveaus, als een synthese. En uiteindelijk ook als vraag aan kunst & kerk: moet het enerzijds gaan om autonome kunst, of om kunst die dienstbaar is aan de kerk? Of mag het ook gaan om een synthese?
Voorwaar: deze vragen stelt Yve du Bois u, mij en de kerk. Dat is niet niets. En daarvoor zijn we haar dankbaar.
Ik nodig u graag uit om de proef op de som te nemen en haar schitterende werk te bekijken en erover in gesprek te gaan!

http://thomasopen.nl/index.php/kunst/exposities/229-yve-du-bois

http://www.monalisatoneel.nl/YveduBois.html

Wat mooi is, waar en goed

Column untitled_KruipAfgelopen zondag zong de Oude Kerkgemeente in Amsterdam bij het afscheid van ds. Eddy Reefhuis een nieuw gezang:

Wat mooi is, waar en goed
dat zoeken wij, daarvan spreken wij
in veel verschillende talen.
Zo zet Gij ons gezegend op weg,
uw toekomst tegemoet.

Een lied op tekst van Mirella Klomp en muziek van Christiaan Winter. Het ware, schone en goede – het was alsof we de leer van Plato bezongen.

Iets eerder had Marcel Barnard tijdens een korte lezing in het kader van datzelfde afscheid de lof bezongen van Column untitled van Germaine Kruip, die al in het kader van een tentoonstelling die afgelopen week werd geopend, in de kerk was opgetrokken (zie afb.). Als het donker invalt, wordt de zuil gedurende de loop van de expositie (t/m 27 maart 2016) aangelicht, wat een prachtig effect geeft. ‘Hij is’, zei Barnard, ‘een slanke editie van de Toren van Babel’, om aan te sluiten bij die verschillende talen uit het lied.

Vandaag rolde De Groene Amsterdammer in mijn bus. En op één of andere manier geven twee stukken daarin uiting aan het onbehagen dat mij was overvallen bij zowel het zingen van bovenstaand lied, als bij het als ‘Toren van Babel’ benoemen van het overweldigend mooie kunstwerk van de door mij al jaren zeer bewonderde Germaine Kruip.

Het eerste las ik in de column Boodschap van Niña Weijers. Zij citeert daarin op een gegeven moment de Amerikaanse schrijver en criticus William H. Gass: ‘Als we een roman willen begrijpen moeten we hem volgens Gass proberen te begrijpen zoals we een ander mens zouden proberen te begrijpen: om hem, niet om iets anders’. Dat geldt wat mij betreft ook voor de zuil van Germaine Kruip: proberen te begrijpen wat zij met dit autonome, abstracte, minimalistische enz. enz. kunstwerk wil zeggen. In een andere taal, dat wel. Maar daar houdt de associatie op, want het is méér dan dat.

Het tweede stuk dat ik in De Groene Amsterdammer van 26 november las, was een ingezonden stuk van de theoloog Dick Boer, een zielsverwant, ‘wat’ – zoals hij mij eens mailde – ‘natuurlijk niet per se betekent dat wij het in alles eens zijn’. Maar nu zeker wel. Hij schrijft naar aanleiding van de briefwisseling tussen Yvonne Zonderop en Stephan Sanders in De Groene: ‘Zonderop heeft het over studenten die hun geloof kenmerken als een “tegenverhaal”. Dat ‘tegen’ moet dik worden onderstreept’.

Geldt dat eigenlijk ook niet voor ons zingen – vanuit het feit dat we de toekomst alleen tegemoet kunnen gaan als we ook weet hebben van alles wat tegen het ware, schone en goede ingaat, en van mensen die lijden aan het leven en twijfelen of God ze wel gezegend op weg zet? Natuurlijk, in één vers kun je dat allemaal niet benoemen, maar misschien wél iets van mee laten klinken. En geldt dat ook niet voor kunst: een tegenstem in de kerk? Te benaderen en beoordelen op zijn eigen merites, in dit geval als een slanke zuil untitled, zonder het meteen te annexeren? Ik vraag maar.

http://oudekerk.nl/nl/programma/nu
http://marcelbarnard.nl/weblog.php

 

Mondriaan filosoof

Bor_MondriaanMondriaan filosoof / Jan Bor. – Amsterdam : Prometheus Bert Bakker, 2015. – 127 pagina’s, 4 ongenummerde pagina’s, platen : illustraties ; 20 cm ISBN 978-90-351-4065-3

Amateurkunsthistoricus en filosoof Jan Bor schreef een essay over het theoretische werk van beeldend kunstenaar en amateurfilosoof Piet Mondriaan (1872-1944). Bor beschrijft hoe hij, na zich in Japan in zen te hebben verdiept, open kwam te staan voor
de volledig abstracte kunst van Mondriaan. En vervolgens hoe hij als filosoof Mondriaans teksten ging lezen, die tot dan toe door weinig filosofen waren bestudeerd en waaraan door kunsthistorici – volgens Bor ten onrechte – de geestelijke dimensie van de theosofie was toegeschreven (onder anderen door Marty Bax). Bor ziet er eerder een uitdrukking van een wereldbeeld in, in al zijn diepere samenhang. Als goed docent toont de auteur dit stapje voor stapje aan en ontwart hij moeilijk te verenigen tradities in Mondriaans denken.

Copyright NBD Biblion. Mag zonder schriftelijke toestemming niet worden overgenomen. Geplaatst in week 13 (2015).