Het Woord verbeeld

Ter gelegenheid van 2018 Jaar van het Cultureel Erfgoed kwam het Nederlands Bijbelgenootschap met een handzaam gidsje onder de titel Het Woord verbeeld. Ik kwam het nu pas op het spoor, en pas kort daarna las ik een eerste bespreking ervan in Kerk in Mokum.

De kop boven het voorwoord van de directeur van het Nederlands Bijbelgenootschap luidt: ‘De Bijbel als inspiratiebron’. Preciezer gesteld: Bijbelverhalen als inspiratiebron – inclusief de apocriefe. Want laten we wel zijn, en daar is op zich als eerste aanzet niets mis mee, het gaat om twaalf kunstwerken, van ca. 1470 tot en met 1991, waar primair draait om Bijbelverhalen. Allemaal te zien (en niet altijd even te makkelijk te vinden) in het Amsterdamse Rijksmuseum – waarbij aangetekend, dat die van Rembrandt tot 10 juni a.s. onderdeel uitmaken van de expositie Alle Rembrandts en dus niet in bijvoorbeeld zaal 2.8 hangen.

De teksten in het gidsje, allemaal afgedrukt na een kleurenfoto van het kunstwerk dat het uitgangspunt ervoor vormt, zijn onderverdeeld in drie blokjes: informatie van het Rijksmuseum, een link naar het Bijbelgedeelte en een vraag voor de beschouwer. De teksten over het Bijbelgedeelte zijn van de hand van Peter Siebe, persvoorlichter en eindredacteur van de Nieuwe Bijbelvertaling, die ook tot uitgangspunt is genomen.

Het is een spannende onderverdeling, omdat de teksten van het Rijksmuseum vooral gericht zijn op formele kenmerken van de kunstwerken, met omschrijvingen als ‘Door (…). de verf met een spatel te bewerken, bracht hij [Rembrandt, EvS] een plastisch, glanzend reliëf aan’ (over: Het joodse bruidje, zie afb. rechts). Of: ‘Het effect is rijk, maar de kwaliteit van uitvoering is niet bijzonder hoog’ (over een Antwerps kabinet, zaal 2.23).

In de tekstblokjes van Siebe wordt veelal een verbinding gelegd tussen Oude- en Nieuwe Testament, en dat is mooi. Bijvoorbeeld – in het geval van bovengenoemd kabinet – tussen Numeri 21:9 en Johannes 3:14. Een enkele keer echter wordt er een sprong gemaakt die niet in de tekst staat, zoals bij de Beuningkamer (zaal 1.6), waarin het gaat over Handelingen 8:26-39. Volgens de tekst(schrijver) zou Filippus de kamerling, dat wil zeggen een Ethiopiër, wijs maken dat ‘de passage uit Jesaja’ die hij zat te lezen’ over Jezus ging, maar dát staat er niet: ‘Daarop begon Filippus met hem [de Ethiopiër, EvS] te spreken over het evangelie van Jezus, waarbij hij deze schrifttekst tot uitgangspunt nam’ (vers 35) – je zou zeggen: een Talmoedische wijze van tekstuitleg van een passage uit Tenach, zoals je ze zoveel tegenkomt in het Nieuwe Testament.

De vragen zijn van het soort zoals je ze ook wel in Bijbelse dagkalenders of wat behoudende tijdschriften over de Bijbel tegenkomt. Van bijvoorbeeld ‘Heeft u weleens een bovennatuurlijke gebeurtenis meegemaakt?’ (bij De ontmoeting van Joachim en Anna, zie afb. links), ‘Voor wie bent u deze week barmhartig geweest?’ (bij De zeven werken van barmhartigheid) tot ‘Wat vindt u van kunst in de kerk?’ (bij Dirck van Delens Beeldenstorm in een kerk) en ‘Heeft u een voorbeeld in huis dat een Bijbelverhaal uitbeeldt?’ (bij het Antwerps kabinet).

Het is het soort uitgaven dat roept om een vervolg. Daarbij valt dan niet alleen te denken aan meer metaforische in plaats van letterlijke verbeeldingen van het Woord of aan andere musea. In het eerste geval denk ik dan bijvoorbeeld aal het Stilleven met boeken van Jan Lievens (ca. 1627-’28) waarop je niet alleen boeken (waaronder de Bijbel?) ziet, maar dat ook een wijnkan en een homp brood (Avondmaalsattributen). In het tweede geval zou een boekje als Een soort bijbel. Vincent van Gogh als evangelist van Anton Wessels de aanleiding kunnen zijn voor een gidsje voor het Van Goghmuseum.

Overigens: Peter Idenburg mag in zijn recensie in Kerk in Mokum dan wel opmerken dat de ‘brochure gratis beschikbaar is bij het Nederlands Bijbelgenootschap, [maar] helaas niet bij de balie van het Rijksmuseum’ – het museum heeft in de winkel wel een fraaie reeks boekjes met verdiepende teksten over onder meer Het Joodse bruidje en De zeven werken van barmhartigheid. In het eerste staan interessante gegevens over modernere interpretaties over het afgebeelde tafereel, dat in het gidsje van het Nederlands Bijbelgenootschap wordt beperkt tot de gangbare: Isaak en Rebekka. Waarvan akte.

www.bijbelgenootschap.nl/bijbelroute

https://www.protestantsamsterdam.nl/loop-de-bijbelroute-langs-twaalf-meesterwerken-in-het-rijksmuseum/

https://www.rijksmuseumshop.nl/nl/boeken-en-dvd-s/rijksmuseum-reeks

 

Bij het overlijden van Simon H. Levie

Simon Hijman LevieJoodse Bruidje_Rembrandt

 

 

 

 

 

 

 

Op 12 juli overleed Simon Hijman Levie (foto links), oud-hoofddirecteur van het Rijksmuseum (1975-1989). Op 6 december 1988 hoorde ik een lezing van hem over Het joodse bruidje van Rembrandt (afb. rechts). Als een in memoriam plaats ik mijn aantekeningen hier. Zijn nagedachtenis zij tot zegen.

Jarenlang heeft men gezocht naar wie de twee personen op dit late innige én magistrale schilderij (ongedateerd en ongesigneerd) zijn. Dr. Levie is tot de conclusie gekomen, dat het Isaäc en Rebecca moeten zijn. Er zijn twee voorbeelden die in die richting wijzen:

  1. een fresco (voorheen toegeschreven aan Rafaël) in het Vaticaan;
  2. een schets van Rembrandt zelf (zie hieronder).

Rembrandt_schets Joodse bruidjeOp beide staat rechts bovenaan Abimelek, de koning ten tijde van Isaäc, die op Het joodse bruidje ontbreekt. Dat is niet verwonderlijk, omdat uit recent röntgenonderzoek is gebleken dat met name aan die kant een stuk van het schilderij is afgehaald. Ook aan de onderzijde is dit het geval (ontbrekende datering en signering!).

Uit de opbollende kleding van Isaäc en Rebecca kunnen we echter opmaken, dat beiden zitten in plaats van staan. En dit is iets dat past in de iconologische traditie (vergelijk met de fresco in het Vaticaan en de schets van Rembrandt). We kunnen dus concluderen dat Het joodse bruidje een groots historiestuk van Rembrandt is.

Met een andere kleur pen voegde ik later toe: Röntgenonderzoek heeft ook aangetoond dat de man een keppeltje droeg en de vrouw een kroontje.