‘Plastic surgery’

Blog n.a.v. leesclub Open Klooster, 9 december a.s.
Leesclub rond br. Gert Bremer en Esther Gerritsen
Datum en tijd: zondag 9 december 2018, 11:00-13:00 (na afloop soep en brood)
Zie: http://www.openklooster.nl/pagina/programma.html

Op een mooie lenteavond in het Amsterdamse Concertgebouw zweven zomaar gedeelten uit Esther Gerritsens prachtige roman De trooster aan mij voorbij.

Henry Loman, de gast in een klooster waarvan ik-figuur Jacob conciërge is, spreekt zich uit over het geloof. Jacob denkt daar het zijne van: ‘Dus dit was wat hij geloofde? Deze primitieve logica? Zijn ogen gingen angstig langs de kasten met religieuze werken, schichtig naar de deur en weer terug (…). Ik had door zijn logica heen moeten breken (…) Maar deze man was niet te bereiken met redelijkheid. Ik zag een kind dat bang was voor monsters, en dan helpt het niet om te zeggen dat monsters niet bestaan. Nee, dan moet je samen het monster verslaan. Nooit in de afgelopen weken had ik hem kunnen raken met een rationele uitleg over ons religieuze leven hier. Goed, het vermaakte hem, maar het waren de grote onbegrijpelijke zaken die hem deden opleven, glunderen.’

En dan volgt in Gerritsens roman een witregel. In die ruimte hoor ik wat er op het podium door de Berliner Philharmoniker onder leiding van Sir Simon Rattle werd gestreden: de doodsstrijd van Bruckners Negende symfonie. Ik las in het programmaboekje wat Mark van Dongen erover schreef: ‘Anton Bruckner groeide op in het benepen milieu van de kleine Oostenrijkse stad Linz. Het opkomende liberalisme tornde aan de invloed van de katholieke kerk. Dit had een sterke invloed op de uiterst onzekere, door dwangneuroses beheerste Bruckner. Hij richtte zich geheel naar de letter van de catechismus, maar werd innerlijk verscheurd door twijfel. Dergelijke vroomheid, gespeend van al te veel theologisch inzicht, was in zijn milieu tamelijk vanzelfsprekend. Men diende zich voordat men in de hemel kwam te verantwoorden tegenover een angstwekkend reële God en men moest toch zijn aflaten verdienen. Bruckner wijdde zijn Negende symfonie dan ook aan “dem lieben Gott”.’

Er waren, schrijft Gerritsen, voor Jacob en Henry – en voor Bruckner – ‘maar twee opties, vluchten of ten onder gaan’. Henry vlucht, Jacob niet, want zijn plaats was in het klooster. En Bruckner? Voor de door de componist onvoltooid gelaten symfonie – hij werd overvallen door de dood – reconstrueerden vier mannen op grond van Bruckners eigen schetsen een Finale. Rattle noemt het, in positieve zin, ‘plastic surgery’.

Ik denk aan Jacob, met zijn voor de helft vervormde gezicht waaraan geen plastische chirurgie te pas kwam. De conclusie uit een column van Stevo Akkerman over Gerritsens boek, in dagblad Trouw raakt mij: ‘Een welhaast troostende erkenning van imperfectie’. Jacob realiseerde zich ‘dat het Gods liefde moet zijn’ die hij voelde, ‘Gods liefde voor mij’ en niet die van de medemens die hem vaak aanstaarde. De kinderlijke Bruckner hunkerde er heel zijn leven naar, en of hij het heeft mogen ervaren weet ik niet. Hebben Rattle en de Berliner Philharmoniker hem met die voltooide versie nu perfect gemaakt of juist de monsters waar hij bang voor was verslagen? That ’s the question.

Horror, dat is en blijft het

Bacon_VelasquezVolgens de programmatoelichting die Mark van Dongen schreef bij de compositie Three Streaming Popes van Mark-Anthony Turnage (1960), roepen de ‘striemende uithalen in de strijkers’ tegen het eind van het stuk herinneringen op aan Hitchcocks film Psycho. Maar er zijn meer gelijkenissen.

 

Het werk van Turnage (1988-’89) was op 15 en 16 januari geprogrammeerd door het Koninklijk Concertgebouworkest, dat het uitvoerde onder leiding van Otto Tausk. Op 15 januari in het kader van de AAA-serie, onder het thema ‘Angst’. En als er één thema is dat zo lijkt weggelopen uit de films van Hitchcock, dan is het wel angst.

Tijdens een aflevering van Rialto Filmclub de volgende dag viel mij op dat het daar niet bij bleef; getoond werd de documentaire Hitchcock/Truffaut van Kent Jones (2015). Hierin werd voortgeborduurd op het beroemde gesprek dat nouvelle vague-regisseur François Truffaut in 1962 had met Hitchcock en dat leidde tot zijn boek Le Cinéma selon Alfred Hitchcock. Nu legden Kent Jones en Serge Toubian een aantal cruciale passages uit de film en het boek voor aan een serie hedendaagse regisseurs.

Hitchcock_VertigoEén van de vragen was of zij het eens zijn met Hitchcocks idee van pure cinema. De meningen verschilden. De één vond dat dit zijn kracht was: elke film verwees naar zichzelf of hooguit naar een andere film van de meester, de ander zag in een still uit Vertigo in de haarknot van de vrouw duidelijk een verwantschap en verwijzing naar het schilderij waar de hoofdpersoon voor zit (zie foto).

Turnage heeft in zijn compositie drie schilderijen van pausen door Francis Bacon (Tate Gallery, Londen) tot uitgangspunt genomen: Pope I, Pope II (allebei uit 1951) en Study after Velázquez’ Portrait of Pope Innocent X (1953, zie foto hierboven). De paus die we bij Bacon herkennen, is Pius XII. Hij opent zijn mond alsof hij een decreet wil uitvaardigen, die weerklinkt in de gewelfde ruimte waarin hij zit. Over het schilderij druppelen bloedspetters, zoals we die ook in films van Hitchcock terugzien.

Mark-Anthony TurnageTurnage (zie foto) componeerde, net als Bacon schilderde, eerst een onderlaag, die hier bestaat uit verwrongen dansritmes die op mij overkwamen als Danses macabres en herinneringen opriepen aan Hitchcocks point of views: een stapeling van beelden. Een gezicht dat zich losmaakt uit het lichaam van een man, een onschuldige (innocent).

Met dit verschil dat Paus Pius XII niet onschuldig was. Het moge dan zo zijn, zoals iemand in de zaal meende, dat ‘men wel zegt’ dat Pius XII antisemiet was maar dat dit anders ligt. Let wel wie dit meende: paus Benedictus (2008). Dat hij wel degelijk schuld had, heeft Dirk Verhofstadt inmiddels overtuigend bewezen op grond van documenten uit het Vaticaan (Pius XII en de vernietiging van de joden). Horror, dat is en blijft het. In muziek en beeld. Maar vooral in het werkelijke leven.