Macbeth – een drieluik

Dit drieluik gaat over Macbeth van Shakespeare. Dat komt zo. Op een en dezelfde dag vielen mij toe:

  1. Een recensie van de onvermoeibare Franz Straatman over de opvoering van Verdi’s Macbeth door Opera Vlaanderen in Antwerpen (zie link hieronder)
  2. Een artikel van Peter Verbaan, predikant van de Oude Kerk te Ermelo, in In de Waagschaal (29 juni 2019)
  3. Het hoofdstuk ‘The Shadow of the Unseen’ in het boekje Shakerspeare and the human mystery van Philip Newell, dat ik onlangs kreeg.

Als te doen gebruikelijk, gingen de recensie, het artikel en hoofdstuk al lezend met elkaar in gesprek. Ik volg de chronologie van het stuk van Shakespeare en de opera van Verdi die hierop is gebaseerd.

1.
Peter Verbaan beschrijft hoe Shakespeare begint met een ‘onstuimig optreden’ van Lady Macbeth aan het begin, gevolgd door een ‘inzinking [en] donkere schaduwen die spoedig komen’. Als ik Franz Straatman mag geloven, is dit in de regie van Michael Thalheimer in Antwerpen goed terug te vinden. Het begin is een heksenketel, waarin Lady Macbeth afdaalde. Vanaf dat moment, schrijft hij, is ‘de spanning van het komende drama in de top van de Schotse adel (…) echt voelbaar’.

2.
Er is ook een kantelmoment, beschrijft de veelzijdige Schot Philip Newell  in zijn boek (uitg. Paulist Press, 2003): ‘Macbeth murders the king [Duncan, EvS] in the night. It is the turning point of his descent into self-destruction. In the bedchamber of the murdered king he hears someone calling out in their sleep, “God bless us”. He finds, however, that he cannot say “Amen”. “It had most need of blessing”, he says, “and ‘Amen’ stuck in my throat” (Macbeth II 2 32-3). His falseness seperates him from benediction. The obstacle is the unnaturalness of his deed.’
Dit laatste wordt, begrijp ik uit de recensie van Straatman, in de regie in Antwerpen prachtig uitgedrukt: ‘Een heksachtige figuur sloop op diverse momenten door de kuip [heksenketel, EvS]. Regisseur Thalheimer zette deze figurant slim in, zoals in de grote scène waarin Macbeth de moord op koning Duncan uitvoerde (…). Met donkere stem zong de Amerikaanse bariton Craig Colclough de helse gedachten van Macbeth. Zowel in persoon als in stem een potige rolinvulling.’

3.
En dan komt de inzinking waar Verbaan het over had. De sfeer werd ook in Antwerpen ‘steeds gruwelijker’. Lady Macbeth, gezongen en gespeeld door Marina Prudenskaja, zakte steeds meer ineen, ‘ook in stemexpressie. De gruwelijkheid van de ondergang van Lady Macbeth had niet scherper vertoond kunnen worden.’
Verbaan schrijft: ‘Ergens wordt zij [Lady Macbeth, EvS] – Macbeth’s dearest partner of greatness – met al haar kracht in weinig ogenblikken de partner van diepe ellende. Ze klaagt – in de woorden van Shakespeare – dat alle parfums van het Oosten niet in staat zijn het bloed van haar handen als moordenares af te wassen – en je denkt: peilt zij hier niet dieper dan Pilatus die meende zijn handen in onschuld te kunnen wassen?’

Nog een laag – dat is iets wat alleen een schrijver van het statuur van Shakespeare erin kan leggen. En wij als lezers, toeschouwers en luisteraars eruit mogen halen.

https://www.operamagazine.nl/featured/48610/antwerpen-opwindend-gruwelijke-macbeth/